Getest: Audi TT RS Coupé (Rijtesten 2009)

De Audi TT is altijd al een sportieve auto met pittige motoren geweest. Er was echter nooit een uitvoering met echte sportwagenprestaties. Toegegeven, de 3.2 V6 heeft genoeg power, maar die zware zescilinder in het vooronder maakt hem minder geschikt voor het betere bochtenwerk. Vorig jaar zag de eerste sportversie het levenslicht: de TTS, die goed is voor 272 pk uit een lichte viercilinder. Dat kan nog beter, dacht Audi. Daarom is er nu de TT RS, aangedreven door een historisch verantwoorde vijf-in-lijn met turbo die niet minder dan 340 pk levert. Daarmee legt hij zelfs sportwagens als de R8 en 911 het vuur na aan de schenen.


Foto: rijtesten

Dat de TT RS een Audi is, heeft zo zijn voordelen: de afwerking en het materiaalgebruik is perfect en je mag erop vertrouwen dat de techniek betrouwbaar is. Helaas heeft deze TT ook de wel heel voorspelbare wegligging die we van het merk uit Ingolstadt gewend zijn, waardoor het met deze auto lastiger is om te spelen dan met zijn achterwielaangedreven tegenstrevers. Toch kun je je prima vermaken met de RS. Hij is ontzettend snel, ziet er stoer uit en klinkt heerlijk, vooral wanneer je hem met sportuitlaat bestelt. Met een vanafprijs van 77 mille zit hij precies tussen zijn directe concurrenten in: de BMW Z4 en Porsche Cayman. De TT RS is ook als Roadster leverbaar en kost dan 4.500 euro meer.

Lees de volledige test op rijtesten.nl.

AddThis Social Bookmark Button

 

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen


SEO by AceSEF