
De ruimte merk je niet alleen in de kofferbak en op de achterbank, ook voorin zit je als een vorst. De bestuurdersstoel is over een lang traject te verstellen en zit goed. Het dashboard ziet er gelikt uit, de materialen steken goed in elkaar. Ook heeft het dashboard trekken van de Volkswagen Passat. Het interieur kenmerkt zich in beide auto's door een diagonaal lopende aluminium strip. Helaas is ook dit model uitgerust met een navigatiesysteem dat in veel auto's van de Volkswagen Group te vinden is. De bediening van dit systeem vergt enige gewenning, maar zodra je het systeem je eigen hebt gemaakt is het niet meer behelpen. Op de achterbank is het zoals gezegd prima uithouden, ook op de langere afstanden. Een display aan de achterkant van het middenconsole met de tijd en temperatuur versterkt het premium-gevoel.

Als je vertelt dat deze Skoda uitgerust is met een 1.6 liter motor, klinkt er dikwijls hoongelach. Dit is echter onterecht omdat de motor prima presteert in dit ruimtewonder. Een stoplichtsprint win je er niet mee, maar het is over het algemeen prima meekomen in het verkeer. Niets om je voor te schamen dus. Het omgevingsgeluid blijft bij hogere snelheden op een laag niveau. Tegen mijn verwachting in beschikt deze Skoda over een vijfbak. Gezien het groene karakter van deze Tsjech, zou je verwachten dat deze zeker over een zesbak -die overwegend weinig toeren draait- zou beschikken. Daar heeft Skoda echter wat op verzonnen, de versnellingen zijn over het algemeen vrij lang. Dat zorgt ervoor dat je bij een snelheid van 120 kilometer per uur geen extreem hoge toeren maakt, en dat zorgt weer voor een vermindering van het geluid en het verbruik.

Bij een auto als deze worden er altijd prachtige verbruikscijfers op papier beloofd. Het is bijna een cliché geworden om te zeggen dat de verbruikscijfers in de praktijk vrijwel nooit hetzelfde zijn. Skoda beloofd bij deze Superb een gecombineerd verbruik van 4,4 liter per honderd kilometer. Dit getal moet met de bekende korrel zout genomen worden. Maar in de praktijk scoort de Superb nog redelijk met gemiddeld 5 liter op honderd kilometer. Om dat te realiseren is het niet noodzakelijk om altijd 90 kilometer per uur op de rechterbaan te rijden, maar het gaspedaal moet niet al te vaak de bodem opzoeken. Overigens zit er redelijk wat pit in de Tsjech, maar dan moet je wel hoog in de toeren zitten. Zit je onder de 2.000 toeren, dan moet je erg veel ruimte creëren om in te halen.

Met de 1.6 liter motor levert de Superb Combi Greenline een vermogen van 105pk. Dat vermogen is prima te doen voor het dagelijkse woon- en werkverkeer. Voor het sportievere werk is toch echt minimaal een twee liter motor aan te raden. Want sportief is deze Tsjech op z'n zachtst gezegd niet echt. Het gewicht van iets minder dan 1,5 ton is in de bochten goed te voelen. De Skoda is dan ook geen bochtenridder, maar leent zich prima voor de langere afstanden. Oneffenheden worden over het algemeen weggepoetst en de vering is prima afgesteld. Feit blijft dat de Greenline uitvoering zeker niet sportief is te noemen. We zijn na de test in deze 1.6 Greenline dan ook erg benieuwd naar de sportievere aspiraties van de enige zescilinder in het gamma van Skoda.

Een gemiddelde potentiële koper hoeft nauwelijks overtuigd te worden bij de Skoda Superb Combi Greenline. De fiscale voordelen lonken, en zodra de koffer- en beenruimte is bekeken, is de gemiddelde huisvader van een groot gezin al snel verkocht. Consumenten die op zoek zijn naar een sportieve gezinsauto, moeten echter even verder zoeken. Of gewoon een keuze maken uit het hogere motorenpallet, want aan diversiteit in motoren ontbreekt het niet bij Skoda. Voor iets meer dan 30 mille staat er een ruime, betrouwbare en praktische stationwagen voor de deur. En met die gedachten zal een potentiële koper zeker zijn voordelen afwegen en snel een beslissing maken.

| < Vorige | Volgende > |
|---|



